
Amfibie · Venen & heide
Rana arvalis
● IUCN: Niet bedreigd · in België kwetsbaar en strikt beschermd
Het grootste deel van het jaar een bescheiden bruine kikker. Maar op een paar zonnige dagen in maart kleuren de mannetjes hemelsblauw en drijven ze met tientallen tegelijk in een heideven, borrelend als luchtbelletjes die uit een fles onder water ontsnappen.
| Leefgebied | Natte heide, venen, vennen en vochtige graslanden |
| Lengte | Ongeveer 5–7 cm |
| Actief | Overdag en ’s avonds; in de winter in winterslaap op het land |
Kaart I van IV
Ecologisch paspoort
| Herkenning | Bruin met een donkere slaapvlek, vaak een lichte rugstreep, een spitse snuit en een harde, hoge knobbel aan de binnenkant van de achterpoot |
| Verwar niet met | De bruine kikker, die een stompere snuit, langere achterpoten en een kleine, zachte knobbel heeft |
| Voedsel | Spinnen, kevers, rupsen, slakken en andere kleine ongewervelden |
Waar vind je ze?
| België | Vooral in de heidevennen en venen van de Kempen; elders zeldzaam |
| Nederland | Verspreid over de zandgronden en laagvenen, onder meer in Drenthe, de Peel en De Weerribben |
| Tip | Ga op een zonnige, windstille dag half maart naar een heideven: de blauwe mannetjes zijn maar een paar dagen te zien |
Wist je dat de blauwe kleur ontstaat doordat de huid van het mannetje opzwelt met vocht? Daardoor verandert de manier waarop licht in de huid wordt teruggekaatst. Na de paartijd wordt hij weer gewoon bruin.
Kaart II van IV
Gedrag & seizoenen
De heikikker is een explosieve voortplanter: alle dieren van een ven komen binnen een paar dagen tegelijk naar het water. De mannetjes roepen met een zacht, borrelend geluid, drijvend aan het oppervlak. De vrouwtjes zetten hun eiklompen af in ondiep, zonbeschenen water, vaak dicht bij elkaar. Na de paartijd verlaten de kikkers het water weer en leven ze de rest van het jaar op het land, in natte heide en ruigte.
| Maart – april | Paartijd in vennen; blauwe mannetjes en eiklompen |
| April – juni | Kikkervisjes groeien op in het ven |
| Zomer | Kleine kikkertjes trekken het land op |
| Oktober – februari | Winterslaap op het land, ingegraven in de bodem |
Kaart III van IV
Rol in het ecosysteem
Heikikkers eten grote aantallen insecten en spinnen, en zijn zelf voedsel voor reigers, ooievaars, ringslangen, adders en vossen. Hun eieren en larven zijn gevoelig voor verzuring van vennen, verdroging en te veel meststoffen. Zo vertellen heikikkers veel over de gezondheid van onze natte heide: waar ze verdwijnen, is meestal het water uit balans geraakt.
Wat helpt? Vernatting van heide en venen, vennen zonder vis, minder stikstof en het herstel van ondiepe poelen met zonnige oevers.
Kaart IV van IV
Verhalen & cultuur
De blauwe heikikker is uitgegroeid tot een kleine natuurtraditie. Natuurorganisaties in België en Nederland organiseren elk voorjaar wandelingen langs heidevennen om het blauwe spektakel te zien, en in sommige regio’s gaat de eerste foto van een blauw mannetje rond als teken dat de lente echt begonnen is. Zo is een bescheiden bruine kikker voor even de ster van de heide.
Veelgestelde vragen
Vragen over de heikikker
Waarom wordt de heikikker blauw?
Alleen de mannetjes kleuren blauw, en alleen tijdens de korte paartijd in maart. Hun huid zwelt dan op met vocht, waardoor ze blauw lijken.
Wat is het verschil tussen een heikikker en een bruine kikker?
De heikikker heeft een spitsere snuit, kortere achterpoten en een harde, hoge knobbel aan de achtervoet. De bruine kikker is wat forser met een stompe snuit.
Waar zie je heikikkers in België?
Vooral in de heidevennen en venen van de Kempen. De soort is zeldzaam en strikt beschermd.


